stoltenberg.jpg

ENCOD BULLETIN 86

HET ENCOD BULLETIN OVER DRUGBELEID IN EUROPA

NR. 86 APRIL 2012

HET NOORSE STANDPUNT OVER DRUGBELEIDSHERVORMING


Het afgelopen jaar waren er een aantal verbazingwekkende ontwikkelingen in het openbare debat rond het drugbeleid hier in Noorwegen. De publieke opinie heeft een traditioneel extreem beperkte kijk op het drugbeleid en de enige mensen die ooit tegen het officiële verbodsbeleid ageerden waren enkele advocaten en enkele druggebruikers. Niettemin bestaat er een trend om voor harddruggebruikers schadebeperkende maatregelen te gebruiken; er bestaan naalduitwisselingsprojecten en substitutieprogramma’s met methadon en subutex in verschillende steden, en hoofdstad Oslo beschikt over een controversiële gebruikersruimte.

Deze mentaliteitswijziging lijkt zich nog verder door te zetten. Veel mensen zijn op het juiste pad gezet door de ongelooflijk energetische activist Arild Knusten, hoofd van de Vereniging voor een Humaan Drugbeleid (Foreningen for Human Narkotikapolitikk). Ook de verklaring van Willy Pedersen, voorheen een fervent verbodsupporter, dat hij van mening is veranderd en nu voor de legale verdeling van cannabis pleit, deed een paar jaar geleden veel stof opwaaien. Pedersen heeft zich ook uitgesproken tegen een Noors verbod op Khat en de criminalizering van druggebruikers in het algemeen.

stoltenberg.jpg

Ook bij ons bestaat de politieke elite uit mensen die volwassen werden nadat drugs meer algemeen verspreid raakten in de maatschappij. Een aantal politici hebben al toegegeven in het verleden te hebben geëxperimenteerd met drugs. Eerste minister Jens Stoltenberg van Labour heeft toegegeven een cannabisroker te zijn geweest in zijn jeugd. Van zijn zus Nina is bekend dat zij een heroïne-overlever is die regelmatig oproept tot een hervorming van het drugbeleid. Hun vader, Thorvald Stoltenberg (foto), een voormalig minister Buitenlandse Zaken, steunt al jaren de alternatieve aanpak van het drugbeleid. Hij was voorzitter van een topcommissie die in 2010 een rapport voorstelde aan het Noorse Parlement met liberale oplossingen inclusief decriminalisatie van gebruik en bezit van alle drugs en voor proefprojecten met voorgeschreven heroïne voor langdurig verslaafden. Onlangs nog riep hij als lid van de Global Commission on Drugs op om het roer van het wereldwijde drugcontrolesysteem volledig om te gooien.

Hoewel de aanbevelingen van de Stoltenberg-commissie door alle politieke partijen resoluut werden verworpen, zijn de standpunten en de taal na dit rapport merkbaar verzacht. De politieke partijen en vooral hun jeugdorganisaties zijn het hele drugoorlogscenario zeer kritisch beginnen bekijken.

Deze genuanceerde standpunten werden duidelijk zichtbaar toen het conservatieve tijdschrift Minerva haar laatste nummer van 2011 wijdde aan drugbeleidshervorming, met de slogan “Legaliseer drugs” op de voorpagina. Naast enkele goed geïnformeerde artikels over drugbeleid en de internationale drugbeleidshervormingsbeweging, hadden ze ook parlementairen gevonden bij alle belangrijke partijen die bereid waren radicale wijzigingen in het overheidsbeleid naar drugs te verdedigen. Minerva wordt geassocieerd met de belangrijkste conservatieve partij, Høyre, met een sterke verbodstraditie. De hypocrisie van deze onverzettelijk standpunt werd nog eens aangetoond toen één van de vooraanstaande drugoorlogsheren, Henning Warloe toegaf zelf al cocaïne en amfetamines te hebben gebruikt.

oslo.jpg

De debatten over alternatieven voor het versteende verbodsbeleid gingen verder tot in 2012. Verschillende belangrijke kranten publiceerden artikels en opiniestukken waarin opgeroepen wordt om een einde te maken aan het verbodsbeleid en om experimenten met gereguleerde drugmarkten op te zetten. Plaatselijke takken van de Socialistische partij (SV) en de Liberale partij (Venstre) vragen de legalisatie van alle drugs. Zelfs de jeugdafdeling van de extreem-rechtse Vooruitgangspartij vraagt nu de legalisatie van cannabis. De Vooruitgangspartij heeft een libertaire kijk op de economie en afgevaardigden verdedigden al eens marktgeoriënteerde drugbeleidsmaatregelen in het buitenland. In het Noorse debat nemen zij echter een strikt verbodsondersteunend standpunt in, met oproepen voor almaar strengere gevangenisstraffen en de weigering om zelfs nog maar over alternatieven te praten. De veroordeling door het partijbestuur van het standpunt van de jongerenafdeling kwam dan ook niet als een verrassing.

De situatie vandaag in Noorwegen is (zoals elders) dat de verbodsreflex nog diep geworteld blijft in het politiek establishment, maar dat de barsten in de vesting groter en zichtbaarder worden. Oudere politici kunnen doorgaans nog moeilijk van kamp veranderen, jongere politici willen hun kapitaal dan weer niet riskeren op wat zij beschouwen als een zeker stemverlies. Er zal een meetbare verandering in de publieke opinie nodig zijn voor politici veranderen. Zoals altijd zal het publiek leiden en de politiek zal volgen.

Door Jan Bojer Vindheim

Tags: No tags

Comments are closed.